Celstraf voor Oegandezen zonder toilet

29 september 2007 door woprins

Op De Standaard staat een artikel te lezen over deze maatregel uitgevaardigd in het oosten van Oeganda

http://www.standaard.be/Artikel/Detail.aspx?artikelid=DMF29092007_012

Uitzonderlijk dierengevecht wordt hit op internet

10 augustus 2007 door tomvb

 

Gevonden via De Standaard:

Een amateurvideo van een uitzonderlijke confrontatie tussen buffels, leeuwen en een krokodil is een van de meest bekeken video’s op de populaire videowebsite YouTube.

Wreed, maar schoon.

Dubbel Geboekt

30 juli 2007 door tomvb

Vanavond 30.07 te zien op VTM:

De familie Pieters uit Nieuwpoort is verslingerd aan georganiseerde reizen. Een vakantie is pas geslaagd als er ‘ambiance’ is geweest: op de excursies en in het hotel tijdens de activiteiten die de reisorganisator zorgvuldig heeft voorbereid. Het gezin De Feyter gaat al voor het vierde jaar op rij naar het door oorlog geteisterde Afrikaanse land Oeganda. Ze bouwen er eigenhandig aan een schooltje, dat de dorpskinderen op termijn wat meer perspectief moet bieden.
(Aflevering van 30/07/2007 om 20u30)

Link

Muzungu in the mist: dag 20 – 4 juni – echt de laatste dag

4 juni 2007 door woprins

img_3127.jpg’s Morgens zijn we al bijna volledig gepakt en gezakt. De laatste hand wordt gelegd aan het inpakken van het trommeltje en het schilderijkader dat we vervoeren voor Luc en Majo, en dan is het echt afscheid van iedereen alvorens we een special hire nemen naar Entebbe. We gaan niet meteen naar de luchthaven, maar kiezen als tussenstop nog voor het Windsor Lake Victoria Hotel. Om er nog eens lekker te eten maar vooral omdat je daar als toerist je spullen even in de bagageruimte mag achterlaten. Handig voor ons want wij willen nog even naar de zoo. Of officieel: het Uganda Wildlife Educatioin Centre, maar geen enkele bodaboda-bestuurder die weet wat dat is. We zien er kraanvogels, krokodil, otter, leeuw, neushoorn, chimpansee én niet te onderschatten: vervet monkeys. Een groep Amerikaanse toeristen heeft speciaal een zak bananen gekocht om aan de aapjes te voederen, wat in principe niet toegestaan is … maar we kunnen er wel enorm goede foto’s door maken.

De belangrijkste reden om naar de zoo te gaan was echter natuurlijk om de fameuze shoebill toch eens in het echt te kunnen zien. En het was de moeite, onder andere omdat we hebben kunnen bijwonen dat de dieren gevoederd werden.

img_3134.jpg

Dan leert een blik op ons horloge dat het stilaan tijd wordt om te vertrekken. De souvenir-shop van het Windsor wordt nog eens bekeken in afwachting van onze taxi naar de luchthaven. In de vertrekhal daar proberen we nog een typisch Afrikaans hemd in onze maten te vinden, maar die poging wordt snel gestaakt. Inchecken dan maar, en zeker niet ons goed humeur vergeten want de komende 14 uur brengen we door op luchthavens en in vliegtuigen: twee uur wachten voor vertrek van de vlucht uit Entebbe, twee uur vliegen naar Ethiopië, op de luchthaven van Addis Abbeba 3 uur wachten en dan 9 uur vliegen naar Brussel met een uur tussenstop in Parijs.

Belgium, here we come met al onze mooie verhalen!

Muzungu in the mist: dag 19 – 3 juni – Marktbezoek en Mabamba Swamps

3 juni 2007 door woprins

Voor we naar Mabamba Swamps vertrekken gaan we nog naar het centrum om de ‘old market’ te bezoeken. Met matatu en boda-boda (motorfiets-taxi) zijn we er snel. De eindeloze aaneenschakeling van kraampjes met velerlei produkten (schoenen, kleren, elektrische apparatuur, fruit,…), de drukte, de manier waarop de verkopers hun waren aanprijzen: het is allemaal even wonderbaarlijk om te zien. De markt is zo’n wirwar dat je er bijna verloren loopt. We kopen een ananas (want vooral ik ben ondertussen verslaafd aan deze heerlijke vrucht) en een kalebas (als cadeau voor het capoeira-snaarinstrument van Majo). We vragen ons even af of we hier al de switches uit de auto’s van Luc en Koen zouden kunnen terugkopen…

De swamps dan: dit moerasgebied bestrijkt 100 vierkante kilometer, en is gelegen ten noorden van het Victoria-meer. Naar verluidt is het de meest betrouwbare plek in gans het land voor het zien van de shoebill-vogel. Dit is een prehistorisch uitziend beest met een snavel ter grootte van een stevige maat 45, en hij is bijzonder zeldzaam. In Murchison Falls hebben we tevergeefs uitgekeken naar het dier, tijdens zijn tocht door het Bigodi Wetland Sanctuary heeft Dimi evenmin geluk gehad. Ook ik heb de smaak te pakken gekregen van de foto-jacht op dit unieke dier, dus deze zondagse daguitstap staat bijna volledig in het teken van de shoebill. Voor de rit naar het moeras kunnen we gebruik maken van de auto van Koen, die ook een van zijn vrachtwagenchauffeurs die een centje wil bijverdienen heeft uitgezocht.

Opvallend bij de heenrit is dat heel wat van de auto’s die ons tegemoet rijden met een paar grote tilapia-vissen vooraan vastgebonden, de plaatselijke manier om ze tijdens het transport zo koel mogelijk te houden. Er foto’s van nemen lukt jammer genoeg niet echt, omdat we de ramen niet openkrijgen wegens de ontbrekende switches. Het laatste stuk van de weg naar Mabamba is prachtig, maar dat is nog niets vergeleken met de schoonheid van het moeras zelf. We huren ter plekke een houten kano met roeier die ons naar de plaatsen vaart waar we veel kans hebben om de shoebill te zien. Aan een droge plek in het moeras worden we geconfronteerd met het schamelste rieten hutje dat we ooit hebben gezien en dat toebehoort aan een plaatselijk vissersgezin. Aan de dikke buikjes van de kinderen te zien is het met hun gezondheid niet zo goed gesteld…

img_3108.jpg

Of het aan de zware militaire helicopter ligt die toertjes vliegt over het moeras of we gewoon pech hebben, de shoebill krijgen we jammer genoeg niet te zien. We hebben wel heel wat andere zeldzame vogels gespot (stork, kingfisher, warbler – voor de details én betere foto’s verwijs ik graag door naar vogelkenner Dimi).

img_3112.jpg

In het begin van de terugrit hangen we een hele tijd achter een vrachtwagen die zwaar geladen is met ananas die we hadden zien toekomen per kano vanuit de eilanden op het Victoria-meer. De vrachtwagen krijgt het zwaar te verduren op de hobbelige wegen, en het is een klein wonder dat er geen enkele ananas afdondert. Na veel gesukkel kunnen we voorbijsteken en kunnen we een beetje doorrijden. De rit is lang, het verkeer bij aankomst in Kampala is bijzonder druk én daarbovenop valt de motor van de jeep om onverklaarbare redenen een paar keer stil. Achteraf blijkt dat dit te maken heeft met de koppeling, en de wagen moet dan ook de volgende dag meteen naar de garage. Pech voor de tweede dag op rij dus voor Koen.

Nog een anecdote in verband met de aankomst bij Koen die avond: het is gebruikelijk dat je gewoon claxonneert als je aan de poort toekomt, en dan komt de bewaker opendoen. Na 4 keer toeteren komt Koen echter zelf opendoen en hij doet teken dat we stil moeten zijn. Wat natuurlijk moeilijk kan met zo’n zware jeep, maar we begrijpen al snel wat hij bedoelt wanneer de chauffeur parkeert pal voor de bewaker die buiten op zijn stoel is ingedut. De enkele keren dat Koen vlakbij de oren van de bewaker in de handen klapt om hem te wekken zijn tevergeefs, hij moet echt wakker geschud worden. Nog een gevolg van een te lang uitgelopen feestje na de overwinning van Oeganda?

We nemen definitief afscheid van Koen en Ingrid, en aangezien het al ver na etenstijd is gaan we alleen op pad voor een hapje. Het wordt Bamboo’s Nest vlakbij Bugolobi market. Er wordt heel leuke muziek gespeeld, maar we hebben niet echt zin om het laat te maken. Morgen vertrekken we terug naar huis, en er moet dus nog wat ingepakt worden. Omdat we in totaal 40 kilo mogen meenemen, gaan er ook een aantal spullen van Luc en Majo mee naar België én zelfs wat dingen die Dolly heeft achtergelaten bij zijn terugkeer naar Kenia.

Muzungu in the mist: dag 18 – 2 juni – Kasubi Tombs en Nigeria vs. Oeganda

2 juni 2007 door woprins

img_3090.jpgUitslapen is er (jammer genoeg) niet echt bij: deze ochtend rijden we samen met Luc, Majo en de kindjes naar het voormalige paleis van koning Mutesa, dat later ook zijn graftombe werd. Het woord ‘paleis’ kan de verkeerde indruk wekken, want eigenlijk is het belangrijkste gebouw een volledig in hout en riet opgetrokken constructie – van indrukwekkende proporties weliswaar. Alles wordt enorm goed onderhouden, want de nazaten van de dode koning leven nog op het terrein. Jammer is wel dat er ooit brand is geweest in het gebouw waarin het archief gehuisvest was, zodat alle waardevolle oude documenten verloren zijn gegaan. De souvenirwinkel heeft een ruim aanbod van kunstvoorwerpen gemaakt uit de typische ‘barkcloth’, een soort stof die gemaakt is van geplette boomschors. Ik heb me in Bwindi echter al voldoende laten verleiden dus ben ik snel buiten.

Tegen de middag trekken we naar de Bahá’i Temple, de enige tempel van zijn soort in heel Afrika op een totaal van een tiental in gans de wereld. Ze is gewijd aan een vrij obscure religie die in feite een tolerant mengsel en alternatief wil zijn van de belangrijke wereldgodsdiensten. De tempel is omringd door een enorm goed onderhouden terrein met rijkelijke grasvelden. Ideaal voor de picknick denken we, maar we worden beleefd naar een overdekt eetzaaltje gestuurd. Een half uurtje later beseffen we dat dit nog niet zo slecht was, want er barst een heuse wolkbreuk los – evenwel van korte duur.

Hoogtepunt van de dag is echter de voetbalwedstrijd Nigeria-Oeganda in het kader van de Afrika-cup. Met een heleboel andere expats is een busje geregeld vanuit het Lugogo shopping centre naar het stadion om minder hinder te ondervinden van het drukke verkeer. We komen goed op tijd in het stadion aan, dus het valt allemaal mee. Beangstigend hektisch is het wel aan de inkompoort van de VIP-tribune, en op een gegeven moment moeten er zelfs met mitrailleur gewapende bewakers aan te pas komen om de orde te herstellen. Oorzaak van de wanorde: één enkele kerel die blijkbaar niet over het juiste ticket beschikte, maar die toch absoluut bij de VIPs wilde.

img_3102.jpgUiteindelijk geraken we dan toch binnen. Samen met Luc, Koen en Max is het een gezellige boel, want we zijn uitgedost als echte hooligans met petjes, vlaggetjes (én natuurlijk de toeter waarop Max enorm trots is). De Oegandezen vinden het fantastisch dat we als blanken voor hun team komen supporteren, en ze laten dat ook meer dan een keer merken. Links van ons is het gedeelte van de tribune met de Nigeriaanse supporters, en met hun getrommel houden ze de sfeer er bijzonder goed in. Zelfs als niet-voetballiefhebber durf ik zeggen dat de wedstrijd niet altijd veel voorstelt. Soms mooie doorspeelballen, maar Oeganda is duidelijk de mindere ploeg, wat niet te verwonderen is aangezien heel veel Nigeriaanse spelers in het buitenland actief zijn. Tegenover de Oegandese spelers die bijvoorbeeld soms enkel in een team van de politie spelen ofzo. De eerste Nigeriaanse goal valt dan ook snel. Op een of andere manier krijgt Oeganda een strafschop te pakken, die vlotjes omgezet wordt in een doelpunt. De sfeer kan niet meer stuk: heel het stadion staat op z’n kop, en het zelfvertrouwen van de spelers stijgt er zienderogen door. Nigeria krijgt een tweede strafschop aan z’n broek, en de 2-1 is binnen. Een te gekke sfeer, waarvan de kleine Max ook zienderogen onder de indruk is. Als het eindsignaal gefloten wordt, stormt iedereen het veld op. De trainer die zijn interview staat te geven voor TV wordt net niet overrompeld, de ordediensten die eigenlijk iedereen van het veld moesten houden zijn dat duidelijk wel.

De rit van het stadion huiswaarts verloopt heel wat minder vlot, en we doen er meerdere uren over om terug naar het shopping centre te rijden. De stad loopt vol met voetbalgekke mensen met vlaggen en toeters, en het feestgewoel zal uiteindelijk nog voortduren tot de volgende ochtend. Na aankomst krijgen we nog een demo van de capoeira-kunsten van Majo en haar vriendin, en daarna vertrekken we met Luc en Koen om hen te trakteren op een laatste etentje. Majo vervoegt ons later nog. Katch The Sun is de volgende bestemming van ons gezelschap, want daar gaat een drink van de Nederlanders door. Toeval: we komen opnieuw de Nederlandse eigenaar van tweedehandscomputerbedrijf Second Life tegen die we ook al ontmoetten in Murchison Falls. Domper op de feeststemming is echter wanneer blijkt dat ingebroken is in de jeeps van zowel Koen als Luc: verdwenen zijn alle ’switches’, de schakelaars in de deuren voor bediening van de elektrische ramen. Deze zijn blijkbaar gemakkelijk te verwijderen zijn en gegeerd op de zwarte markt.

Muzungu in the mist: dag 17 – 1 juni – terug naar Kampala

1 juni 2007 door woprins

Vrijdag is voor ons een dag die we opnieuw reserveren om wat stof en kilometers te vreten, namelijk om terug in Kampala te geraken. Onze reis zit er immers bijna op… In tegenstelling tot de heenreis kiezen we er bij aankomst vanuit Sipi Falls in Mbale voor om de rest van het traject niet met matatu af te leggen maar per bus. Een beetje tegen de zin van de controleur steken we de rugzakken niet in de kofferruimte, maar pakken we ze mee op de bus. Nadeel is wel dat we onze rugzak dan voortdurend moeten vasthouden. Ach, andere passagiers nemen wel hun levende kippen mee ;-)

mvi_3084.jpgKort na het vertrek van de bus worden we getrakteerd op een speech van een plaatselijke politicus die allerlei straffe uitspraken doet over wat hij voor Mbale wil doen als hij over een paar jaar verkozen wordt in het parlement. Een kritische Dimi kan op de sympathie van een aantal andere passagiers rekenen, maar aangezien ik een flink stuk verder naar achter zit, ontsnappen de nuances van de gesprekken mij. Wat ik wel onhoud is dat de politicus het na afloop van zijn ‘address of the nation’-achtige speech over een heel andere boeg gooit: ineens haalt hij een koffertje boven en begint hij bij de mensen allerlei voedingssupplementen aan te prijzen, onder het motto “een politicus moet ook leven”. Straffe van de zaak is dat er effectief mensen zijn die iets kopen.

De rit duurt lang, de weg is hobbelig. Helemaal op de achterste rij van de bus waar ik zit, valt op dat de schokdempers helemaal naar de vaantjes zijn. Het is er een op en neer gespring van jewelste, soms vlieg ik zelfs bijna van mijn zetel. Toch dommel ik in, om slechts af en toe gewekt te worden doordat de bus moet stoppen omwille van een hardnekkig technisch probleem. Wat het precies is weet ik niet, maar het is in elk geval niet iets wat niet opgelost kan worden met een paar flinke klappen van een grote Engelse sleutel. Straf toch hoor, hoe ze die bussen die al jaren geleden afgeschreven zijn in een welvarender land toch maar aan de praat weten te houden én dan nog op wegen die er vaak katastrofaal slecht bijliggen.

Afin, de aankomst in Kampala is veel sneller dan voorzien dus wij zijn behoorlijk tevreden. Een korte taxirit richting Bugolobi-market later, staan we opnieuw bij Luc en Majo voor de deur om een beroep te doen op hun fantastische gastvrijheid. We willen Majo wel niet te veel storen bij haar werk, dus we installeren ons nogmaals aan het zwembad om onze batterijtjes even op te laden (terwijl GSMs, fototoestellen en iPods in onze kamers hetzelfde doen).

’s Avonds trakteren we Koen op een etentje in Katch The Sun, een chique restaurant waar later deze maand ook het trouwfeest van Koen en Ingrid zal plaatsvinden. Op het menu voor mij: tilapia, de vis die veel gevangen wordt in het nabije Victoria-meer, en een paar Clubs natuurlijk. Zaaalig. En natuurlijk wordt ook nog eens het nightlife ingedoken: de Ierse pub Bubbles. Goeie muziek, knap vrouwvolk en er is altijd voetbal op de televisieschermen. Oeganda leeft toe naar de wedstrijd tegen Nigeria…

Muzungu in the mist: dag 16 – 31 mei – naar de Sipi watervallen

31 mei 2007 door woprins

img_3044.jpg

Niet te laat opstaan vandaag, want er wacht ons een stevige wandeling langs de verschillende watervallen. Te beginnen bij de grootste, waar het water maar liefst 97 meter naar beneden tuimelt. We kiezen voor avontuur, want eens aan de top aangekomen is het plan om helemaal naar beneden te abseilen/rappellen… Ik heb ooit al wel iets dergelijks gedaan maar terwijl ik de eerste stappen naar beneden zet moet ik toch effe slikken. Echt hoog hoor! De eerste 30 meter is het vlotjes aflopen langs de rotswand, maar voor de rest van de rit hang je in het luchtledige. Uiteraard wel goed gezekerd door 3 begeleiders van bovenaf!

De rappel duurt uiteindelijk slechts iets van een tien-vijftien minuten, en het is een heel leuke zij het toch behoorlijk vermoeiende ervaring. Iets minder leuk misschien voor onze gids Alex, wiens eerste keer dit is maar die het toch bijna letterlijk op zijn sloefen (losse sandalen) wil doen. De rappel-begeleider zegt hem dat het dan veiliger is om op blote voeten te doen en houdt de sandalen boven, om hem de sandalen na aankomst toe te werpen – wat buiten de impact van de wind gerekend is. Ondanks een uitgebreide zoektocht temidden van de drijfnatmakende watermist van de waterval blijkt één sandaal niet meer terug te vinden, zodat de arme Alex gedwongen is om het vervolg van de tocht aan te vatten op enkel de linkersandaal. Maar achteraf gezien zal hij er verrassend weinig hinder van ondervinden, want meerdere malen krijgen Dimi en ik hem met onze straffe Lowa-bottinnen niet bijgebeend.

Vervolgens banen we ons een weg door een bananenplantage naar een grot waar veel vleermuizen zitten. Voor Dimi is dat als bioloog én batlover bijzonder interessant, dus er wordt natuurlijk alles aan gedaan om van deze beestjes fatsoenlijke foto’s te proberen maken. Niet zo eenvoudig blijkbaar omdat de infraroodsensor van zijn flits wat koppig doet, maar uiteindelijk lukt het toch.

De overige watervallen zijn minder spectaculair maar niet minder mooi. Opmerkelijk onderaan de tweede waterval is dat een enorm groot stuk van het zouthoudende gesteente in de loop der jaren ontgind is door de boeren om aan hun vee te geven. Eens bovenaan de waterval gekomen meen ik toe te zijn aan een verfrissende zwempartij in een natuurlijk zwembad van de rivier, maar ondanks de hitte valt de temperatuur van het water behoorlijk tegen: ik ben er dan ook héél rap terug uit.

De weg naar waterval nummer drie loopt door allerlei banaanplantages en kleine nederzettingen, dus uitstekende gelegenheid om de ogen open te trekken om te weten te komen hoe de gewone mensen er leven. Honger lijden zullen ze er wel niet doen, maar het blijft echt een enorm simpel bestaan. In tegenstelling tot de andere plaatsen die we al bezocht hebben, zijn de kinderen er blijkbaar veel meer timide: geen ge-ren richting toeristen om te lachen en te wuiven en ‘muzungu’ te roepen ;-)

Inclusief middag- en andere pauzes heeft de tocht 5 à 6 uur geduurd als we terug in onze lodge aankomen. De 3 liter water die ik bij me had is volledig op… dus er moet bijgetankt worden met de ondertussen bekende Club. Aan het tafeltje buiten worden we al snel vervoegd door wat werkvolk dat in de lodge bezig is geweest, en dat leidt tot interessante gesprekken. Een van de kerels blijkt een ontluikend liefhebber van mineralen te zijn, want zijn aandacht wordt getrokken door een steen met zoutkristallen die ik aan de vleermuis-grot heb gevonden. Of ik hem kan helpen met het identificeren van een aantal recente vondsten? Oei, ik val gigantisch door de mand maar beloof bij thuiskomst toch eens voor hem mijn licht op te steken in een speciaal boek.

Muzungu in the mist: dag 15 – 30 mei – van Mabira Forest naar Sipi Falls

30 mei 2007 door woprins

Afscheid van Fried, en we poseren nog voor foto’s. Toch moeten we zien dat we op tijd vertrekken. Doel is namelijk Sipi Falls, gelegen in het oosten van Oegande aan de voet van Mount Elgon en vlak bij de grens met Kenya. Moeilijk om er te geraken is het niet. De eerste etappe starten we gewoon door gepakt en gezakt post te vatten aan de overkant van de straat, en enkele minuten later onderhandelen we al over de prijs om aan boord te gaan van een matatu. Na een vermoeiende reis van enkele uren waarin we met 18 personen op elkaar geklemd zitten in het busje dat in theorie maximaal 12 mensen mag vervoeren, komen we stoffig en goed door elkaar geklutst aan in Mbale.

img_3042.jpg

Lunch in de Coffee Tree Bar and Restaurant met – nogmaals – kip voor mij, en dan zetten we te voet koers naar het 15-minuten verder gelegen taxipark. Sommige chauffeurs proberen ons de rit naar Sipi Falls te verpatsen voor een prijs met een nulletje te veel, maar we botsen toch snel op iemand die van de eerste keer de juiste prijs laat vallen. Uitzonderlijk, zo vinden we en we dichten dit toe aan het feit dat de man behoorlijk gelovig is – te oordelen aan de gospelachtige muziek die hij speelt in de wagen tenminste. Te vroeg victorie gekraaid in elk geval met betrekking tot het reiscomfort, want binnen de kortste keren zitten we met 7 in de auto. We prijzen ons in elk geval wel gelukkig dat het gaat om een rit van slechts 60 kilometer, en dan nog over asfaltweg van uitzonderlijk goede kwaliteit (naar het schijnt zowat het beste stuk in gans Oeganda).

Na bijna de ganse dag onderweg te zijn geweest, worden we afgezet vlakbij Crow’s Nest. Deze lodge is aanbevolen door de reisgids, maar ondernemende kerels van een concurrerend etablissement pal ernaast staan op post om ons als klanten weg te kapen. Het verhaal van Alex van Crow’s Nest dat de concurrentie soms mensen misleid met het argument dat Crow’s Nest gesloten is, doet ons ertoe besluiten bij ons initiële plan te blijven. Maar we beloven aan Tom van de concurrerende Twalight Lodge toch een borrel te komen drinken, wat we ook doen. Ook daar genieten we van een verstommend knap uitzicht op de 3 watervallen van de fameuze Sipi Falls, met de onvermijdelijke Club/Nile natuurlijk.

img_3047.jpg

Tegen zonsondergang begeven we ons naar de top van de helling waarop Crow’s Nest lodge gelegen is, om te genieten van een verbazingwekkend weids uitzicht op enkele westelijk gelegen meren. Magistraal! Dan wacht het avondmaal in Crow’s Nest, waarna we de nacht doorbrengen in een kleine banda met stapelbed en klamboes in goede staat.

Muzungu in the mist: dag 14 – 29 mei – met Majo, Bo en Linus naar Mabira Forest

29 mei 2007 door woprins

Mabira Forest is een prachtig stukje oerwoud op een daguitstap rijden van Kampala, dus Majo ziet het wel zitten om daar samen met ons naartoe te gaan. Het is heel gezellig, met ook dochter Bo en zoon Linus erbij. Ik onthoud de lekkere Abba-muziek op de MP3-speler tijdens de rit én het grappige besef dat we onze laatste week ‘independent travel’ niet bepaald goed ingezet hebben aangezien we weer privé-vervoer met chauffeur onder ons gat hadden. In Mabira doen we twee mooie boswandelingen, waarbij vooral Dimi als drager van dienst voor de toch al flinke Bo het ’stromend warm’ krijgt. We zien Weinig wilde dieren, buiten een aantal viewings van red-tailed monkey en vogels waarmee Dimi bekender is. Een woordje over Mabira Forest: het is een uitgebreid bosrijk gebied dat de jongste jaren heel wat te lijden heeft gehad onder houtkap om houtskool te maken maar vooral voor het vrijmaken van land voor boeren – met name voor suikerrietplantages.

Kort voor onze aankomst in Oeganda was er enorm protest gerezen omdat enorm veel bos was toegekend aan een Indische plantage-eigenaar, met het lynchen van twee Indiërs als trieste culminatie. De plaatselijke stamkoning is vervolgens tussengekomen, en heeft zijn eigen grond afgestaan zodat het bos gespaard kon worden. Gelukkig, want zoals ook vermeld in onze Bradt-reisgids is Mabira Forest niet alleen ecologisch interessant maar is het ook een gebied met heel wat recreatie potentieel. Dat heeft ook Fried goed begrepen. Hij is een Belg die aan de rand van het bos de gezellige lodge Little Kingston uitbaat in lijn met de rasta-filosofie, dus met respect voor mens en natuur. De ideale plek voor ons om te overnachten dus, en voorlopig afscheid te nemen van Majo, Bo en Linus.

img_3040.jpg

Na ons geïnstalleerd te hebben in de lodge gaan we erop uit om de ‘couleur locale’ te checken: vlakbij stoppen immers alle bussen van Kampala naar Jinja om hongerige passagiers zich te laten bevoorraden bij de aanstormende verkopers van banaan, saté, frisdrank etc. Wij installeren er ons op een terrasje van een lokale ondernemer om dit allemaal gade te slaan, en ik doe me tegoed aan een heerlijke portie fruit. We wekken heel wat belangstelling op bij de locals, met een aantal leuke gesprekken als resultaat. Een kerel die graag een uitnodiging zou krijgen om naar België te geraken en daarom mijn vriend wil worden, krijg ik pas afgewimpeld als ik benadruk “I’m not looking for a *boy*friend”. Omstaanders vinden het bijzonder hilarisch, en de kerel zelf kan er ook nog een beetje mee lachen.

Na het op bestelling klaargemaakte avondmaal in Little Kingston (overheerlijke matoke en kip met chilisaus) breken we met een Club en Nile ons hoofd over een aantal details van de spelregels voor “frèten” alvorens naar een plaatselijke cinema te trekken. Fantastische ervaring: eenvoudige lage houten banken, veel volk dat binnen en buiten loopt (veel kinderen ook) en op het programma een van Internet gedownloade aflevering van Lost. In de originele versie, zo was ons aan de ingang beloofd. Maar dat stemde toch niet helemaal overeen met de verwachtingen… Wat we te zien krijgen is namelijk een versie waarin de originele dialogen door een tolk vertaald worden, maar waarbij er naar ons aanvoelen ook voortduren uitleg wordt gegeven over alle impliciete aspecten van het verhaal. Originele klank en stem van de tolk overlapten elkaar dus voortdurend, maar voor de locals blijkt het wel te werken!

Daarna belanden we terug in de bar van Little Kingston. We maken nader kennis met de sympathieke Fried, en door de straffe verhalen over zijn uitgebreide reiservaringen wordt het natuurlijk veel te laat.