Vrijdag is voor ons een dag die we opnieuw reserveren om wat stof en kilometers te vreten, namelijk om terug in Kampala te geraken. Onze reis zit er immers bijna op… In tegenstelling tot de heenreis kiezen we er bij aankomst vanuit Sipi Falls in Mbale voor om de rest van het traject niet met matatu af te leggen maar per bus. Een beetje tegen de zin van de controleur steken we de rugzakken niet in de kofferruimte, maar pakken we ze mee op de bus. Nadeel is wel dat we onze rugzak dan voortdurend moeten vasthouden. Ach, andere passagiers nemen wel hun levende kippen mee
Kort na het vertrek van de bus worden we getrakteerd op een speech van een plaatselijke politicus die allerlei straffe uitspraken doet over wat hij voor Mbale wil doen als hij over een paar jaar verkozen wordt in het parlement. Een kritische Dimi kan op de sympathie van een aantal andere passagiers rekenen, maar aangezien ik een flink stuk verder naar achter zit, ontsnappen de nuances van de gesprekken mij. Wat ik wel onhoud is dat de politicus het na afloop van zijn ‘address of the nation’-achtige speech over een heel andere boeg gooit: ineens haalt hij een koffertje boven en begint hij bij de mensen allerlei voedingssupplementen aan te prijzen, onder het motto “een politicus moet ook leven”. Straffe van de zaak is dat er effectief mensen zijn die iets kopen.
De rit duurt lang, de weg is hobbelig. Helemaal op de achterste rij van de bus waar ik zit, valt op dat de schokdempers helemaal naar de vaantjes zijn. Het is er een op en neer gespring van jewelste, soms vlieg ik zelfs bijna van mijn zetel. Toch dommel ik in, om slechts af en toe gewekt te worden doordat de bus moet stoppen omwille van een hardnekkig technisch probleem. Wat het precies is weet ik niet, maar het is in elk geval niet iets wat niet opgelost kan worden met een paar flinke klappen van een grote Engelse sleutel. Straf toch hoor, hoe ze die bussen die al jaren geleden afgeschreven zijn in een welvarender land toch maar aan de praat weten te houden én dan nog op wegen die er vaak katastrofaal slecht bijliggen.
Afin, de aankomst in Kampala is veel sneller dan voorzien dus wij zijn behoorlijk tevreden. Een korte taxirit richting Bugolobi-market later, staan we opnieuw bij Luc en Majo voor de deur om een beroep te doen op hun fantastische gastvrijheid. We willen Majo wel niet te veel storen bij haar werk, dus we installeren ons nogmaals aan het zwembad om onze batterijtjes even op te laden (terwijl GSMs, fototoestellen en iPods in onze kamers hetzelfde doen).
’s Avonds trakteren we Koen op een etentje in Katch The Sun, een chique restaurant waar later deze maand ook het trouwfeest van Koen en Ingrid zal plaatsvinden. Op het menu voor mij: tilapia, de vis die veel gevangen wordt in het nabije Victoria-meer, en een paar Clubs natuurlijk. Zaaalig. En natuurlijk wordt ook nog eens het nightlife ingedoken: de Ierse pub Bubbles. Goeie muziek, knap vrouwvolk en er is altijd voetbal op de televisieschermen. Oeganda leeft toe naar de wedstrijd tegen Nigeria…